StartpaginaEnergie-filamenttheorie (V6.0)

I. Eerst twee zinnen vastnagelen: een waarschuwing en een conclusie die door het hele boek lopen
Deze sectie pakt een vraag aan die vertrouwd klinkt, maar die in de Energie-filamenttheorie (EFT) opnieuw geformuleerd moet worden: wat zijn lichtsnelheid en tijd nu écht? Om te voorkomen dat kosmologische uitlezingen verderop telkens ontsporen, slaan we eerst twee “spijkers” in de muur:

De eerste zin is een waarschuwing: bij waarnemingen over tijdvakken heen gebruik je “de meetlatten en klokken van nu” om “de cadans van toen” te lezen. Als je niet eerst uitpakt waar meetlatten en klokken vandaan komen, worden veel verschillen automatisch vertaald naar een puur geometrisch verhaal.
De tweede zin is het raamwerk van deze sectie: hetzelfde “c” moet in de Energie-filamenttheorie in twee lagen worden opgesplitst—een materiaal-kundige bovengrens en een metrologische meetconstante.


II. Lichtsnelheid: van ‘mysterieuze constante’ terug naar ‘overdrachtslimiet’
In de vorige sectie is estafette-voortplanting neergezet: voortplanting is geen transport, maar lokale overdracht. Zodra je dat accepteert, verschijnt er vanzelf een limiet: elke overdracht heeft een minimale tijdsvenster; hoe hard je ook duwt, je maakt overdracht niet ogenblikkelijk.

Daarom is lichtsnelheid in de Energie-filamenttheorie in de eerste plaats geen “getal dat het universum heeft vastgeschroefd”, maar de overdrachtslimiet van de Energiezee bij een bepaalde zeetoestand. Denk aan geluidssnelheid in materialen: geen kosmische constante, maar een eigenschap van het medium. Een harder, strakker medium geeft verstoringen makkelijker door (hogere geluidssnelheid); een zachter, stroperiger medium geeft ze moeilijker door (lagere geluidssnelheid). Lichtsnelheid volgt dezelfde logica—alleen gaat het hier om de limiet van de Energiezee zelf.

Om dat intuïtief vast te zetten, helpt een alledaagse vergelijking:

  1. Estafetteloop
  1. Stadiongolf

Daarom betekent “werkelijke bovengrens” in dit boek: bij een bepaalde zeetoestand, hoe snel (in welke cadans) de Energiezee een patroon maximaal kan doorgeven.


III. Waarom je twee soorten c uit elkaar móét houden: werkelijke bovengrens vs meetconstante
Veel mislezingen komen uit één gewoonte: het “gemeten c” verwarren met “de bovengrens van de werkelijkheid”. In de Energie-filamenttheorie moeten die twee uit elkaar:

  1. Werkelijke bovengrens (materiaalniveau)
  1. Meetconstante (metrologisch niveau)

Die twee kunnen gelijk zijn, of niet. Subtieler: zelfs als de werkelijke bovengrens verschuift, kan de meetconstante stabiel lijken, omdat meetlatten en klokken zelf mee kunnen schuiven. Dat is geen woordspel: meet je met een rubberen meetlat, dan verandert de meetlat zelf mee; meet je met een slingerklok, dan kan de cadans meedrijven met zwaartekracht en materiaaltoestand. Kortom: meetlatten en klokken zijn fysieke structuren, geen “bovenwereldse” definities.


IV. Wat is tijd: geen achtergrondrivier, maar een ‘cadans-aflezing’
Als het vacuüm de Energiezee is en deeltjes vergrendelingsstructuren zijn, dan moet “tijd” terug naar iets tastbaars: herhaalbare processen. Elke klok—mechanisch, kwartskristal, atomair—doet in de kern hetzelfde: hij telt herhalingen van een stabiel proces. Tijd is dus niet eerst iets dat “ergens stroomt” en daarna door klokken wordt afgelezen; de cadans van een klok wordt het referentiepunt, en daaruit definieer je de “seconde”.

Tijd is een cadans-aflezing.
Waar komt die cadans vandaan? Uit de stabiele manieren waarop de Energiezee kan “trillen”: het cadansspectrum van een zeetoestand. Hoe strakker de zee, hoe duurder het is voor een stabiel proces om zelfconsistent te blijven, en hoe trager de cadans; hoe losser de zee, hoe sneller. Daarom is tijd geen achtergrond los van de zeetoestand—tijd is zelf een uitlezing van die zeetoestand.


V. Waar komt de meetlat vandaan: lengte is een uitlezing van ‘structurele schaal’, niet iets dat van nature in het universum staat gegraveerd
Veel mensen ervaren “de meter” alsof hij van nature in het universum bestaat. In werkelijkheid komt de meter uit een definitie, en elke definitie moet uiteindelijk landen op reproduceerbare fysica: optische padlengte, atomaire overgangen, interferentiefranjes, kristalroosters.

In de taal van de Energie-filamenttheorie is een meetlat ook in wezen een structuur: hij hangt af van deeltjesstructuur en van ijking op de zeetoestand. Structurele schaal kan daardoor indirect mee veranderen met zeetoestand en met de manier waarop structuren vergrendelen. Dit zegt niet dat “alle meetlatten willekeurig wegdrijven”; het zegt: wil je uitlezingen over tijdvakken heen begrijpen, dan moet je erkennen dat meetlatten en klokken tot het interne structuursysteem van de wereld behoren, niet tot een “zuivere definitie” erbuiten.

Een handige één-zin-samenvatting:
Meetlatten en klokken hebben dezelfde oorsprong: beide komen uit structuur en worden geijkt op de zeetoestand.


VI. Waarom de meetconstante stabiel kan lijken: dezelfde oorsprong, dezelfde meebeweging
Terug naar een kernverschijnsel: waarom lijkt c in lokale experimenten zo uitzonderlijk stabiel? De Energie-filamenttheorie geeft een heel natuurlijke verklaringsroute:

In spreektaal kun je dat samenpersen tot één waarschuwing:
Je bouwt meetlatten en klokken uit dezelfde zee, en meet daarmee de limiet van diezelfde zee—wat je “constant” noemt kan dus “onveranderdheid na gezamenlijke meebeweging” zijn.

Dit verklaart ook waarom uitlezingen over tijdvakken heen crucialer zijn: je gebruikt meetlatten en klokken van vandaag om een signaal van heel lang geleden te lezen. In wezen leg je twee zeetoestanden van verschillende tijden op dezelfde schaal, en dan wordt het verschil zichtbaar.


VII. De kern van uitlezingen over tijdvakken heen: het cadansverschil tussen eindpunten komt vóór ‘ruimte-oprekking’
Vanaf hier is de prioriteit helder: eerst naar cadansverschillen kijken, daarna pas naar geometrie. Wanneer licht van een verre bron hier aankomt, vergelijk je:

Als het universum in relaxatie-evolutie is, zijn de cadans-baselines aan bron en hier van nature niet gelijk. Alleen dat verschil kan al systematische afwijkingen in spectraallijnen veroorzaken, zonder dat je eerst hoeft te veronderstellen dat “de ruimte zelf is uitgerekt”. Daarom behandelt dit boek roodverschuiving later vanuit “het cadansverschil tussen eindpunten” als basiskleur-mechanisme, en werkt het dat uit in twee citeerbare kaders: roodverschuiving door spanningspotentiaal (TPR) en roodverschuiving door padevolutie (PER).


VIII. Waarom ‘wand, porie, corridor’ lichtsnelheid en tijd zichtbaarder maken: kritieke zones vergroten schaalverschillen
Sectie 1.9 ging over grens-materiaalwetenschap: spanningswand, porie en corridor. Koppel je dat terug aan deze sectie, dan volgt er bijna vanzelf:

Daarom zie je in kritieke zones bij discussies over voortplanting en tijdaflezing makkelijker de “materiaal-bodemplaat”: kritieke zones vergroten zeetoestand-verschillen.


IX. Samenvatting: twee lagen c, één tijdbeeld, één meetbeeld
De conclusies van deze sectie passen in vier zinnen:


X. Wat de volgende sectie doet
Daarna gaat hoofdstuk 1 de “observatie-as” in: het zet de uniforme standaard voor uitlezingen over tijdvakken heen formeel neer, introduceert stabiele definities voor roodverschuiving door spanningspotentiaal en roodverschuiving door padevolutie, en maakt van “het universum zet niet uit, het ontspant en evolueert” een afleidbaar verklaringskader.


Auteursrecht en licentie: Tenzij anders vermeld, berust het auteursrecht op “Energiedraadtheorie” (inclusief tekst, grafieken, illustraties, symbolen en formules) bij de auteur (屠广林).
Licentie (CC BY 4.0): Met vermelding van auteur en bron zijn kopiëren, herpubliceren, fragmenten, bewerken en herdistributie toegestaan.
Naamsvermelding (aanbevolen): Auteur: 屠广林|Werk: “Energiedraadtheorie”|Bron: energyfilament.org|Licentie: CC BY 4.0
Oproep tot verificatie: De auteur werkt onafhankelijk en financiert dit zelf—zonder werkgever en zonder sponsoring. Volgende fase: zonder landenbeperking prioriteit geven aan omgevingen die openstaan voor publieke discussie, publieke reproductie en publieke kritiek. Media en vakgenoten wereldwijd: organiseer in dit venster verificaties en neem contact met ons op.
Versie-info: Eerste publicatie: 2025-11-11 | Huidige versie: v6.0+5.05